‘Zo te zien kan ik beter op hakken lopen dan jij’ zegt hij. We staan midden op de stoep te balanceren op onze tenen. Hij met zijn gewicht keurig verdeeld over beide voeten. Ik wiebelend naast hem, twijfelend of mijn fysiotherapeut echt ’s avonds zijn gympen inwisselt voor een paar pumps.

Om de zoveel weken krijg ik tips en oefeningen om mijn hardloophouding te verbeteren. Dat begint met een analyse van hoe de zaken er voor staan.

Kennelijk heb ik een passieve loophouding.

Dat kan dus. Inactief sporten.

Nu leer ik mijn tenen te gebruiken. Want als je je tenen gebruikt, trek je je knieën automatisch hoger op en voor je het weet kun je voorbij een winkelruit hollen zonder je te schamen voor de weerspiegeling.

Het is de bedoeling dat die weerspiegeling gaat lijken op plaatjes uit magazines, waarin afgetrainde modellen leggings en bodywarmers aanprijzen voor bedragen die ik nog niet kan goedpraten voor mezelf.

Tot die tijd doe ik oefeningen. Ik balanceer op mijn ene been. Dan weer op de ander. Probeer te koken terwijl ik op mijn tenen sta. Allemaal voor dat ene doel.

Om straks te kunnen lopen als een hinde.

Of in ieder geval op stiletto’s.