Zeven kilometer door Rotterdam racen in twintig minuten; waarom heb ik vanavond een massage gepland?

Goed, de masseur is dus een man.

Wat voor ondergoed heb ik aan? Gelukkig heeft mijn vriend maar vier boxershorts waardoor we voortdurend de was doen en ik nooit meer uit noodzaak iets wanstaltigs aan hoef. Bikini's doen niet langer dienst als ondergoed in de winter.

Die vissenkom met gin en tonic van net, is niet per se nodig geweest. Misschien hoort die man ook mijn maag klotsen.

Als ik maar niet moet klotsen én kotsen. Hier, recht door dat gat in de hoofdsteun.

Over dat gat gesproken: massagesalons doen niks met de plek waar je op uitkijkt. Tandartsen maken soms echt iets leuks van het plafond. Dan kun je dieren gaan herkennen in wolken terwijl de tandarts een boor in je kies zet. Bij een masseur past eenzelfde soort vermaak in het tapijt, maar misschien maakt een Escher-kleedje toch niet zo zen.

De muziek hier klinkt als de Celtic Rock-cd's van TellSell. Bestaat Knuffelrock eigenlijk nog? En hoe zit het met Nickelback?

Zijn handen zijn echt warm.

Mijn voeten zijn het tegenovergestelde. Heeft hij dat eelt al gezien of is het donker genoeg?

Hee, hoor ik daar een krakje? Nog een.

Ik denk dat ik ongesteld word. Hier, ter plaatse. Is het mogelijk dat een masseur een cyclus in gang kneedt?

Het is toch voor niemand leuk om aan een been te trekken.

Nu moet ik me omdraaien. Ziet hij aan mijn frons dat ik aan tampons denk? Ontspannen kijken, ontspannen kijken.

Eigenlijk wil ik gewoon een hoofdmassage van zestig minuten.

Is dat de geur van eucalyptus? Ik heb eens gelezen dat je muizen daarmee kilometers op afstand houdt.

Hij is bij mijn hoofd, eindelijk. Nee, geen olie op mijn gezicht smeren. Ik wil nog langs de Albert Heijn.

Nou ja, misschien ook niet.

Daar is de gong, ik mag naar huis. Ontspanning at last.